Bayerischer Gebirgsschweisshund

Bayerischer Gebirgsschweisshund

Rasgroep 6

Drijvende honden, zweethonden en aanverwante rassen.

Land van herkomst
Duitsland
Huidige en oorspronkelijke taken
Opsporen van wild

Uiterlijk

Schouderhoogte
Reuen tussen de 47 en 52 centimeter.
Teven tussen de 44 en 48 centimeter.
Gewicht
Hoofd
De Bayerischer Gebirgsschweisshund heeft een brede bovenschedel die licht gewelfd is. De voorsnuit is kort. De oren zijn middellang en erg breed. Ze worden hangend gedragen. De ogen zijn middelgroot.
Lichaam
Het is een middelgrote hond. Ze zijn erg beweeglijk. Het lichaam is iets langer dan hoog. De staart reikt tot aan de middenvoeten en wordt horizontaal of schuin omhoog gedragen. De hals is middellang.
Vacht
Korte, groffe vacht.
Kleuren
Geel tot diep roodbruin.

Gedrag

Karakter
Bayerischer Gebirgsschweisshunden zijn redelijk gehoorzame honden. Buitenshuis is de hond erg actief. Ze hebben een groot uithoudingsvermogen. Ze hechten zich aan het gezin en zijn niet geschikt voor het kennelleven.
Sociaal
De Bayerischer Gebirgsschweisshund is niet erg geschikt voor kleine kinderen. Ze vinden de drukte die zij geven niet prettig. Met soortgenoten gaan ze goed om. Wanneer u ze van pup af aan goed socialiseerd met andere huisdieren, zal hij weinig problemen geven. Bekenden worden vriendelijk begroet.

Omgang

Beweging
Het uithoudingsvermogen is enorm groot. Ze hebben dan ook veel beweging nodig. Ze kunnen onaangelijnd lopen, mits u hem goed onder commando heeft.
Opvoeding
Ze zijn niet heel moeilijk om op te voeden. Ze zijn redelijk gehoorzaam en hebben in tegenstelling tot andere brakken minder de neiging om er op eigen houtje van door te gaan. Toch is het verstandig om de nadruk tijdens de opvoeding op het ‘hier komen’ te leggen.
Verzorging