Ziekte van Weil of de rattenziekte

Ziekte van weil of rattenziekte

Ziekte van Weil, rattenziekte of leptospirose.

De grootste oorzaak van de ziekte van Weil of de rattenziekte komt door besmette urine van andere dieren. De ziekte van Weil, in de volksmond “de rattenziekte” is heel gevaarlijk omdat deze in veel gevallen een dodelijke afloop kent. Deze besmetting is trouwens ook voor mensen gevaarlijk. Door deze bacterie kunnen mensen ook nog andere ziekten krijgen.

Hoe kan je besmet worden met de ziekte van Weil ?

De ziekte komt vooral voor op plaatsen waar ratten aanwezig zijn. Via urine van besmette ratten kan de bacterie in aarde, riool en oppervlaktewater (zoals sloten en plassen) terecht komen.

Honden kunnen besmet raken door in contact te komen met levende of dode ratten, urine van ratten, contact met besmette aarde, riool en oppervlaktewater waarin besmette urine zit en natuurlijk ook door het zwemmen in sloten en plassen waarin besmette ratten leven. De bacterie kan via wondjes of via de ogen, neus of mond het lichaam binnen dringen. Deze bacteriën heten leptospirosen. De leptopiren produceren gifstoffen in de bloedbanen waardoor de bloedvaten schade oplopen. Via het bloed komen ze zo in de lever en de nieren terecht waar ernstige schade ontstaat. Door deze nierinfectie worden de bacteriën in grote hoeveelheden met de urine uitgescheiden. Op die manier worden andere dieren besmet. Ratten worden zelf niet ziek, maar verspreiden met de urine, grote hoeveelheden leptospiren.

Symptomen

De meest voorkomende symptomen bij besmette dieren zijn sloomheid, koorts, gele slijmvliezen, vertonen stijfheid en hebben gewrichtsproblemen. Meer symptomen zijn veel drinken, plassen, braken en diarree. Andere verschijnselen zoals een verminderende eetlust is mogelijk, dit is afhankelijk van de aangetaste organen. Een lepto-infectie treft voornamelijk de nieren en de lever hierdoor is deze in ernstige gevallen te herkennen door een vergeling van de huid en de ogen. Bij besmette honden zijn de symptomen meestal merkbaar tussen de 4 en 12 dagen.

Deze ziekte is meestal dodelijk bij kleine hondenrassen. Hoe groter de hond hoe meer kans hij heeft deze ziekte te overleven. Wordt de diagnose niet of te laat gesteld, dan is de kans groot dat de hond overlijdt vooral door nierfalen.

Vaccineren

Sinds kort zijn er twee nieuwe stammen van Leptospira aangetoond; Leptospira grippotyphosa en Leptospira australis. Hierdoor is er nu ook een vaccin beschikbaar dat werkt tegen deze twee nieuwe stammen. Opletten is nog steeds de boodschap. Deze vaccinatie sluit niet alle besmettingen uit. Toch is vaccineren geen overbodige luxe.

Beoordeel dit artikel

Klik op een ster om te beoordelen

Gemiddelde / 5. Aantal beoordelingen: